Belangenbehartiging en krachtenbundeling

belangenbehartiging

Trynwâlderein is ontstaan in de nasleep van de actie tot behoudt van ‘Noflik Wenje’. Toen deze woonvorm voor mensen met dementie met sluiting werd bedreigt is in de periode september 2019 tot en met februari 2020 actie gevoerd. Dit om verhuizing van bewoners te voorkomen, te verhinderen dat zorgpersoneel verdween en er voor te zorgen dat voor mensen met dementie een kleinschalige woonvorm ‘in de buurt’ bleef bestaan. Deze actie was een vorm van belangenbehartiging. Belangen van mensen die door hun ziekte niet goed meer voor zichzelf konden opkomen. Veel Trynwâldsters en maatschappelijke organisaties steunden deze actie. Gedurende en na deze actie werd op allerlei manieren bevestigd hoe belangrijk het is dat mensen die (professionele) zorg ontvangen invloed hebben op hoe hun zorg wordt georganiseerd. Dit geldt des te meer als we willen dat deze zorg in de buurt van naasten verleend kan worden.

Structurele barrières

Nog steeds hebben zorgondernemers grote moeite om goed te luisteren naar cliënten of naar degenen die de belangen van hun cliënten behartigen.  De structuur van de gezondheidszorg maakt dit ook niet makkelijk. Zorgorganisaties worden gedwongen zeer efficiënt te werken. Die efficiëntie staat vaak op gespannen voet met cliëntenbelangen. De zorg wordt, bijvoorbeeld binnen PGB-gefinancierde zorg, zo sterk geïndividualiseerd dat het gezamenlijk belang op de achtergrond raakt. Medezeggenschap en inspraak worden vaak lastig gevonden. Binnen de hoge werkdruk die de zorg kenmerkt is het moeilijk voldoende tijd te vinden voor deze aspecten. Belangenbehartiging is dan ook taaie kost.  Het beeld dat zorgorganisaties op hun websites schetsen geeft de indruk van ontspannen en tevreden oudjes die breed glimlachend de nodige zorg in ontvangst nemen. Zorg die wordt verleend door ontspannen en even breed glimlachende zorgmedewerkers. De praktijk is dat bij veel zorgmedewerkers burnout en vermoeidheidsklachten voorkomen. De werkdruk neemt toe.

Over ‘dankbaarheid’ en recht op een glimlach

De zorgverleningscultuur staat inspraak en medezeggenschap soms in de weg. Als het om geld gaat is er weinig transparantie. In de praktijk wordt van mensen die zorg ontvangen nog regelmatig dankbaarheid verwacht. Het is natuurlijk verre van vreemd dat je als zorgontvanger dankbaar bent als iemand zo deskundig is dat die je pijn weet te verzachten. Of dat je dankbaar bent als iemand zich inspant om contact met je te maken als je dat nauwelijks zelf meer kunt. Of dat je dankbaar bent als je niet gedwongen naar een andere instelling hoeft te verhuizen. Het wordt wel wat vreemd als die dankbaarheid door zorgverleners of zorgorganisaties als een recht wordt beleefd. Dan wordt dankbaarheid een morele verplichting. Natuurlijk is het prettig als cliënten een dankbare glimlach laten zien nadat ze zorg hebben ontvangen. Maar op zo’n glimlach bestaat geen recht. Het is een geschenk. Een geschenk dat niet altijd gegeven wordt. En ook zonder dat geschenk moet het bieden van zorg doorgaan. Omdat er voor die zorg wordt betaald. Omdat er over de inhoud van die zorg duidelijke (kwaliteits)afspraken zijn gemaakt. Daar gaat, binnen onze democratie,  inspraak en medezeggenschap over. En dat is een groot goed.

Wetgeving geeft cliënten een stem

Trynwâlderein wil dat ouderen, of hun vertegenwoordigers, een duidelijke stem hebben binnen de individuele zorgverlening, binnen de organisatie van de ouderenzorg en binnen de beleidsontwikkeling. Ook als dit beleid elders wordt gemaakt is het mogelijk en noodzakelijk invloed uit te oefenen. In Nederland maakt wetgeving het mogelijk om als (potentieel) zorgontvanger een duidelijke stem te hebben in hoe er zorg wordt verleend. Die stem kun je zelf laten horen in het directe contact met je zorgverlener; via een vertegenwoordiger die met de zorgondernemer overlegt; via belangenorganisaties die bij beleidsontwikkeling zijn betrokken. In Nederland hebben cliënten in de zorg onder andere recht op kwaliteit, recht op klagen, recht op medezeggenschap en recht op inspraak. Naast die rechten zijn er ook plichten. En het is ook flink ingewikkeld. Advocatenkantoren hebben de handen vol aan de uitvoering van deze wetgeving. Een groot deel van die kantoren staan zorgorganisaties bij en verdienen goed aan deze ingewikkelde wetgeving. Een minder groot aantal advocatenkantoren staat cliënten of medezeggenschapsorganen bij. Van cliënten wordt gevraagd dat zij hun rechten  gebruiken. Anders helpt ook wetgeving niet.

Cliëntenrecht in samenwerking

Cliëntenwetgeving komt alleen tot haar recht als de rechten en plichten die er mee samenhangen een duidelijk plaats krijgen in de samenwerking tussen cliënten, vrijwilligers, zorgprofessionals en zorgorganisaties. Deze partijen zij van elkaar afhankelijk. Trynwâlderein zoekt vrijwilligers die hun kennis en ervaring op het gebied van medezeggenschap en inspraak voor dit doel willen inzetten. Dit hoeven niet alleen de cliënten zelf, of hun vertegenwoordigers, te zijn. Soms is dat zelfs ongewenst. Als een cliëntenraad voor mensen in een woonvorm voor intensieve dementiezorg alleen uit bewonersvertegenwoordigers zou bestaan werd zo’n raad erg instabiel. De tijd die ouderen in dergelijke woonvormen verblijven wordt steeds korter en een cliëntenraad  wisselt dan zo vaak van samenstelling dat het aan stabiliteit ontbreekt. Ook medezeggenschap binnen bijvoorbeeld de thuiszorg is moeilijk alleen door thuiszorgafnemers zelf te realiseren. In dergelijke situaties is het van groot belang dat er gemotiveerde cliëntenraadsleden worden gevonden die, ook al is er geen directe relatie met zorgafnemers, bereid zijn om middels medezeggenschap belangen van bewoners te behartigen. Er zijn dus mensen nodig die de zorgpraktijk goed kennen. Mensen die in staat zijn goed te luisteren naar problemen die cliënten tegenkomen. Mensen die in staat zijn om zich in te leven in de belangen van mensen die, door ziekte of ouderdom, deze niet meer zelf kunnen verwoorden. In de nieuwe wetgeving wordt een onderscheid gemaakt tussen medezeggenschap en inspraak. Inspraak gaat dan vooral over de dagelijkse gang van zaken. Medezeggenschap gaat over het wat abstractere ‘zorginstellingsbeleid’. Meer informatie hierover vind je in Handleiding Inspraak WMCZ-2020 en in Hoe Realiseer je Medezeggenschap.

Krachtenbundeling

Binnen de Trynwâlden hebben tal van mensen en organisaties ervaring met deze aspecten van ‘cliëntenrecht’. Cliënten zelf, vertegenwoordigers van cliënten, mentoren en bewindvoerders, leden van cliëntenraden en klachtcommissies, gemeentelijke adviesorganen als Seniorenraad en WMO-raad, zorgcoöperatie Tirza, bewonerscommissies, zorgprofessionals, zorgorganisaties, programma-managers, werk- en stuurgroepsleden enz. enz.. Trynwâlderein wil vrijwilligers die zich inzetten voor medezeggenschap, inspraak, zorgkwaliteit en klachtenrecht, ondersteunen met advies en cursussen. De Trynwâlderein wil de kennis en ervaring die hiermee door vrijwilligers en maatschappelijke organisaties is opgedaan graag bundelen. Zo kan in de komende 30 jaar ouderenzorg worden vorm gegeven op een manier die de Trynwâlden past. In samenwerking en dichtbij. In de buurt. Zie hiervoor ook Oma-blijft-in-eigen-buurt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.